Gisteren werd ik geconfronteerd met een rekenvraagstukje. Er waren drie diersoorten, en het was de bedoeling om in totaal 100 dieren te kopen met juist €100. Je weet bovendien dat een hamster €0,5 kost, een kip €3 en een konijn €10. Ik ben me ervan bewust dat deze prijzen een beetje onrealistisch zijn, maar ik ben helaas geen expert in de kippenhandel, en bovendien is het me vooral om het vraagstuk zelf te doen.
Start. We moeten dus weten hoeveel stuks we van elke diersoort kopen. Laat ik voor de eenvoud het volgende stellen:
aantal hamsters en
aantal kippen en
aantal konijnen.
Aldus bekomen we volgende vergelijkingen:
en
Merk op dat dit stelsel oneindig veel reële oplossingen heeft, maar dat ,
en
natuurlijke getallen moeten zijn. Hierdoor wordt het aantal oplossingen behoorlijk kleiner.
Als we nu in de eerste vergelijking substitueren bekomen we
en bijgevolg moet deelbaar zijn door
.
Uit het hoofd
berekenen we dat en dus is
in
De vergelijking in
zegt dat
(mod 19).
Neem bvb. (in
), dan is
en
Voor vinden we
en
Deze twee oplossingen zijn bovendien de enige, want als we verder gaan:
Voor vinden we
en
en negatieve aantallen zijn natuurlijk niet toegestaan. Dit probleem blijft voor
.
15 december, 2007
Hamsters, kippen en konijnen
Posted by Roeland under Wiskunde | Tags: vraagstuk, rekenen, Wiskunde |Leave a Comment